Uit de praktijk

Gebreken aan brandwerende beglazing stacaravans

Onlangs heeft een van onze vastgoedinspecteurs een inspectie uitgevoerd aan enkele permanent bewoonde stacaravans in Noord-Brabant.

De onderlinge afstand tussen de caravans bedraagt minder dan 5 meter. Daarom zijn vanwege de wet- en regelgeving (Bouwbesluit 2012, artikel 2.84, lid 9 en 10) de metalen buitenwandopeningen van de caravans voorzien van brandwerende beglazing.

Deze isolerende beglazing bestaat uit een doorzichtige blanke, gelaagde beglazing, die samengesteld is uit meerdere glasbladen en voorzien van een brandwerende tussenlaag. Deze tussenlaag (gel) zwelt bij brand op, waardoor zich een ondoorzichtig, hard vuurvast en warmteabsorberend brandscherm (schuim) vormt. Deze biedt de benodigde weerstand tegen branddoorslag (WBDBO: 30 min). De toegepaste beglazing is daarnaast tweezijdig brandwerend en dus vuurbelastbaar.

Tijdens de inspectie treft de inspecteur behoorlijke oneffenheden aan in de brandwerende gevelbeglazing. Deze oneffenheden uiten zich in troebele vlakken en bellen tussen de verschillende glasbladen. Deze “troebelingen” concentreren zich vooral aan  de randen van de beglazing.

Nader onderzoek door de inspecteur wees uit dat de caravans afkomstig zijn van een vakantiepark. Op dit vakantiepark stonden de caravans vanwege het bosrijke gebied voortdurend in een schaduwrijke omgeving, waardoor deze destijds vrijwel niet aan zonbelasting zijn blootgesteld. Hierdoor heeft men tijdens de aanschaf van de caravans gekozen om deze te voorzien van een standaard brandwerende beglazing (zonder UV-filter).

Deze stacaravans zijn, na hun tijd op het vakantiepark, ruim een jaar tijdelijk in een onbeschut grasland gestald. Hierdoor is de beglazing onbedoeld gedurende lange tijd blootgesteld aan veel zonlicht (UV-straling).

De brandwerende tussenlaag in de beglazing is een silicaat die niet UV-bestendig is. Deze tussenlaag is dus gedurende lange tijd blootgesteld aan directe UV-straling, wat aantasting van het silicaat tot gevolg heeft gehad en waardoor vervolgens deze aanzienlijke “troebelingen” zijn opgetreden. Deze “troebelingen”’ zijn niet meer te verwijderen of te herstellen.

Aangezien de opgetreden esthetisch gebreken als storend worden ervaren en een dusdanig negatieve invloed hebben op de doorkijkbaarheid van de bewoners, is in overleg met de opdrachtgever besloten om de aangetaste brandwerende beglazing te vervangen.