Plooien in APP Bitumen dakbedekking

Nieuws

11 okt 2021

dakbedekking

Tijdens een technische inspectie conform NEN 2767 worden grote plooien waargenomen aan de A-Tactisch Polypropyleen (APP) dakbedekking.

Tijdens de dakinspectie wordt duidelijk dat niet alleen de dakbedekking gebreken vertoont, maar ook de onderliggende dakconstructie. Op een groot aantal plekken kan de dakbedekking tot wel 10 cm ingeduwd worden. Dit duidt op meer gebreken dan alleen gebreken aan de dakbedekking. Doordat dit van invloed kan zijn met betrekking tot de veiligheid, wordt dit voorval aan de eigenaar gemeld zodat hier actie op kan worden ondernomen.

Het gebrek

DeĀ  plooien liggen voornamelijk in diagonale richting. Dit verschijnsel is een serieus gebrek in het eindstadium. Dit leidt tot een conditiescore 4 conform de NEN 2767.

Het advies is dan om deze dakbedekking, mede door het voortgaande slijtageproces, integraal te vervangen. Hiervan zullen de bijbehorende kosten worden opgenomen in het MeerJaren OnderhoudsPlan (MJOP). Tevens wordt een specialistisch onderzoek voor de onderliggende constructie geadviseerd om de oorzaak van de plooien vast te kunnen stellen.

Nader onderzoek

De dakdeskundige van Helix heeft het dak opengesneden om de opbouw en conditie van de onderliggende constructie te kunnen beoordelen.

De onderliggende houten constructie is opgebouwd uit spaanplaat die al geheel poreus is geworden. Dat type dakbeschot is niet geschikt als ondergrond voor de bitumineuze dakafwerking. Spaanplaat heeft niet de kwalitatieve en constructieve eigenschappen om als dragend dakbeschot toegepast te kunnen worden.

Vanuit de bouw is het dak voorzien van een 2-laags glasvlies bitumen dakbedekking, dat verkleefd is met warm geblazen bitumen (gietmethode) aan de spaanplaat. 2-Laags glasvlies dakbedekking wordt sinds de jaren 80 niet meer toegepast. Aan de hand van de insnijding en de staat van de dakbedekking wordt ingeschat dat de dakbedekking halverwege de jaren 80 is overlaagd. De overlaging is uitgevoerd met een APP (Derbigum) dakbedekking.

De van origine aangebrachte dakbedekking kan de werking van de onderliggende constructie slecht tot niet, opvangen. Over de naden van de onderliggende spaanplaten had een extra losse strook dakbedekking aangebracht moeten worden om de werking van de houtconstructie op te vangen. Dit is tijdens de nieuwbouw blijkbaar niet gebeurd. Doordat de dakbedekking die krachten niet kan opvangen, is deze gaan scheuren en zal er vocht in de constructie getrokken zijn. Door de werking, samenhang onderconstructie, lekkage en onthechting zijn de plooien ontstaan.

De plooien bevonden zich al in de van origine aangebrachte dakbedekking. Toch heeft men destijds besloten het dak te overlagen. Voorafgaand aan de overlaging had de originele dakbedekking voorzien moeten worden van een primer, waardoor de nieuwe laag volledig had kunnen hechten. Tijdens de insnijding wordt duidelijk dat dit niet is uitgevoerd, waardoor de nieuwe laag er nu bijna volledig los op ligt. Dit kan met windbelasting tot gevolg hebben dat deze eraf kan waaien.

Oplossing nader onderzoek

Zoals blijkt uit de NEN-inspectie en het nader onderzoek moet deze dakbedekking inclusief het dakbeschot worden vervangen.

Door verkeerde materiaalkeuzes van het dakbeschot en het niet deskundig aanbrengen van beide bitumineuze dakbedekkingen lopen de kosten hiervan (onnodig) hoog op.

Adviseurs: Johan Olie en Willem van Neck