Uit de praktijk

Plooien in EPDM dakbedekking

Tijdens een technische dakinspectie op een school in Zuid-Holland, constateert onze vastgoedinspecteur Jacco van der Hoek diverse plooien in de dakbedekking. Tijdens het voorafgaande intakegesprek is door de opdrachtgever aangegeven, dat het gebouw in 2015 grondig is gerenoveerd en het dakvlak daarbij is voorzien van thermische isolatie, waarna het geheel is afgewerkt met rubberen EPDM dakbedekking.

EPDM staat voor Ethyleen Propyleen Dieen Monomeer, ofwel een synthetisch rubber, vervaardigd door polymerisatie. EPDM is goed UV-bestendig, heeft een zeer hoge elasticiteit, is onderhoudsarm en heeft een dikte variërend tussen 0,75 mm en 3 mm. Daarnaast heeft deze dakbedekking een hoge technische levensduur van gemiddeld zo’n 50 jaar.

EPDM wordt vaak in één stuk (rubberfolie) aangebracht, waardoor er geen onderlinge naden aanwezig zijn. Bij dit object is echter gekozen voor het aanbrengen van EPDM banen.

EPDM dakbedekking kan op verschillende manieren worden bevestigd aan de ondergrond. De meest gebruikte methoden zijn volledig verlijmen, voorzien van een ballastlaag of mechanisch bevestigen. De banen worden onderling vaak verbonden door middel van vulkaniseren of door deze te verlijmen. Bij dit dakvlak is gekozen om het EPDM volledig te verlijmen op de ondergrond.

Opbouw

Op de platdakconstructie zijn drukvaste thermische PIR isolatieplaten aangebracht, welke mechanisch zijn bevestigd in de dakconstructie. Op de platen is een hechtprimer aangebracht t.b.v. het aanbrengen van de dakbedekking. Op de primer is een dakbedekking aangebracht, bestaande uit een afdichtingsmembraan in EPDM-rubber met lasbare overlappen. Het totale membraan (dikte: 2,5 mm) bestaat uit een gewapende toplaag in EPDM-rubber met een onderlaag in zelfklevende SBS gemodificeerde bitumen.

Gebrek

In de EPDM dakbedekking zijn over vrijwel het gehele dakvlak opstaande (onscherpe) plooien geconstateerd. Deze plooien positioneren zich zowel evenwijdig alsook dwars op de lengterichting van de dakbanen. De plooien dwars op de lengterichting van de banen hebben een hart-op-hart afstand van circa 600 mm. Echter de plooien evenwijdig aan de lengterichting hebben een grotere hart-op-hart afstand, namelijk van circa 1200 mm. In deze plooivorming is dan ook een bepaald patroon zichtbaar.

Oorzaak

Door de toegepaste hechtprimer én de zelfklevende onderlaag, is de EPDM dakbedekking sterk verkleefd aan de onderliggende PIR isolatieplaten. Deze platen zijn door de temperatuurschommelingen als gevolg van het wisselende klimaat sterk onderhevig aan thermische lengteveranderingen (krimpen en uitzetten). Het EPDM is echter krimpvrij, waardoor deze dan ook niet zal ‘’meebewegen’’ met de onderliggende isolatieplaten.

Door de goede verbinding tussen de platen en de dakbedekking, heeft de thermische werking van deze platen zich hierdoor vervolgens afgetekend in de bovenliggende EPDM dakbedekking.

Oplossing

Hoewel visueel gezien de dakbedekking misschien in een slechte staat lijkt te verkeren, is de technische staat van deze EPDM dakbedekking nog goed in orde. Doordat EPDM een hoge elasticiteit heeft en daarnaast breuk- en scheurvrij is, veroorzaken deze plooien geen vervolgschade aan het materiaal van de dakbedekking. Daarnaast is dit EPDM voorzien van een intern wapeningsnet van glasvezeldraden. Er hoeven hierdoor geen verdere maatregelen genomen te worden.